Weer meer Polen in 2006.

  • Mei 08, 2008

    Het afgelopen jaar werkten weer aanzienlijk meer Polen in de land- en tuinbouw. Verstrekte het Centrum voor Werk en Inkomen (CWI) in 2005 bijna 22.000 werkvergunningen aan agrarisch ondernemers, in de eerste elf maanden van vorig jaar was dat opgelopen naar ruim 40.000. Van hen werkten er 33.500 in de tuinbouw, de rest in de landbouw.

    Blijkbaar heeft de sector nog steeds meer arbeidskrachten uit Oost-Europa nodig, beaamt Gerard van der Grind, medewerker sociale zaken bij LTO. ”Sinds het begin van het Project Seizoenarbeid, in 2002, is hun aantal alleen maar gestegen. Hoewel we van alles hebben gedaan om meer Nederlandse werklozen te werven is dat niet gelukt.”

    Van der Grind benadrukt overigens dat naast de Polen jaarlijks zo’n 80.000 Nederlandse seizoenkrachten in de sector werkzaam zijn; huisvrouwen, ouderen en scholieren. De kosten voor deze groep nemen met ingang van dit jaar flink toe, omdat de WW-premie is verhoogd.

    Wat meespeelt bij de verdubbeling van het aantal werkzame Polen in de land- en tuinbouw is dat de arbeidsmarkttoets per 1 juni 2006 kwam te vervallen. Agrarisch ondernemers hoefden vanaf dat moment niet meer eerst in Nederland en ’oude’ EU-lidstaten op zoek naar personeel.

    LTO had liever gezien dat de werkvergunning was afgeschaft, maar was toch blij met de maatregel, zegt Van der Grind. De aanvraagperiode voor een werkvergunning werd bekort van tien naar drie weken. ”Maar we moeten nu eindelijk eens toe naar een vrij werknemersverkeer.”

    Wat dat aangaat staat de Tweede Kamer nog op de rem. De regering had de grenzen voor Polen al per 1 januari willen openen. Maar de Kamer oordeelde eind vorig jaar, onder druk van de vakbonden, dat nog onvoldoende was geregeld om valse loonconcurrentie en slechte huisvesting tegen te gaan. De werkvergunningen blijven nu in elk geval tot 1 maart gehandhaafd.

    Voor werknemers uit Roemenië en Bulgarije, sinds begin dit jaar EU-lid, is de komende twee jaar eveneens een vergunning nodig. ”Dat wordt wel wat verwarrend”, zegt Van der Grind. ”Voor Polen geldt binnenkort mogelijk een ander regime dan voor Bulgaren en Roemenen.” Desondanks zijn nu al honderden Roemenen hier aan de slag, vooral in de boomteelt, aldus de LTO’-er.

    Als de werkvergunningplicht voor Polen wordt afgeschaft, betekent dat ook het einde van het Project Seizoenarbeid, zegt Van der Grind. Voor de acht mensen die voor het project werken moet dan een andere baan worden gezocht. ”Er komt wel een opvolger in de vorm van een digitaal loket, waar werkgevers met hun vragen terechtkunnen.”

    Het Project Seizoenarbeid heeft zijn dienst bewezen, vindt Van der Grind. ”We hebben duidelijk kunnen maken dat we er alles aan doen om de illegale arbeid in te dammen.”

  • Aankomende evenementen

  • Nieuwsbrief